Wanneer gedrag eigenlijk een noodsignaal is
Daar kwamen ze aan…
een hele stoet vrachtwagens van de Flevo Truckerstour
Voor onze kleinzoon leek dat een geweldig uitje.
En dat was het ook… tenminste, eventjes…
Hij keek eerst nog vol verwondering.
Zwaaide zelfs even terug.
Maar die toeters…
Ik zag zijn gezichtje veranderen.
De capuchon ging op.
Zijn handjes schoten naar zijn oren.
Zijn hele lijfje schrok.
Geen woorden nodig. Je zag precies: dit is niet meer leuk, dit is te veel.
Dus we liepen weg van de vrachtwagens.
Nog een tijdje hield hij zijn handjes stevig over zijn oren.
Even later slenterden we langs de kleedjes van de rommelmarkt.
Daar lagen auto’s. Heel veel auto’s.
Rustig bekeek hij alles.
Met grote aandacht koos hij wat hij echt mooi vond.
En toen mama zei dat er maar eentje mee naar huis mocht, was dat prima. De rest kon terug. Hij wist precies wat hij wilde.
Bij een ander kleedje stond een motor.
En ja hoor… hij koos natuurlijk een heuse adventure bike. Echt onze kleinzoon;)
Maar na nog meer kijken, nog meer indrukken verwerken, sloeg de stemming om.
Geen ruimte meer om iets terug te leggen.
Tegenstribbelen. Bozig huilen.
Dochterlief zag het meteen.
Niet pas als het escaleert.
Niet pas als hij totaal overstuur is.
Maar precies op dat kantelpunt waarop zijn systeem zegt: genoeg.
Dus liep ze met hem de drukte uit.
Naar het dierenparkje ernaast.
En wat gebeurde er?
Binnen een paar minuten ontspande hij.
Hij begon weer te kletsen over de kalkoen en de eenden.
Zijn lijfje kwam terug in rust.
Daarna liepen we gemoedelijk naar huis.
En thuis speelde hij nog heerlijk met zijn nieuwe aanwinsten.
Ik stond ernaar te kijken en dacht alleen maar:
Wat ben ik ongelooflijk trots op onze dochter.
Omdat ze niet denkt in:
“Ach, hij moet hier maar tegen kunnen.”
of
“Ik wil nog éven dit doen of dat zien.”
Maar in:
“Hoe is het samen fijn?”
Dat gaat niet over leren dat je alles moet vermijden.
Maar leren dat je mag voelen wanneer het genoeg is.
Dat je rust mag opzoeken.
Dat je de kunst van het doseren mag toepassen.
En precies daar raakt dit voor mij de kern van Autismecoaching.
Want hoeveel volwassenen met autisme leren dit pas na járen overleven?
Na járen zichzelf forceren?
Na járen denken dat zij zich gewoon meer moeten aanpassen?
Terwijl de echte winst vaak zit in iets anders:
- Overprikkeling op tijd leren signaleren en zo mogelijk voorkomen
- Grenzen serieus nemen
- Leren doseren (niet alleen ‘agenda-technisch’, maar vooral ook ‘energie-technisch’) en weten hoe je jezelf terugbrengt naar rus.
Dat is geen klein detail.
Dat is de basis voor meer levensgeluk.
Dit is waarin jij als autismecoach het verschil kunt maken voor mensen met autisme: minder stress, meer rust en een leven dat beter past bij wie iemand van nature is.
Interessante links:
