Een praktijkverhaal over hitte, onder- en overprikkeling

Wat voor weer het ook is, Sebastiaan draagt een lange joggingbroek, lange mouwenshirt en een hoodie. Altijd. Ook met 30 graden celsius… De capuchon is een must-have voor elke dag!

Die capuchon is eigenlijk een soort communicatie- en beschermingsmiddel: Is ie op, dan beschermt hij zich tegen de overload aan prikkels van buiten. Het is een teken voor rust en niet meer dan de strikt noodzakelijke communicatie. De capuchon gaat echter ook heel regelmatig af en dan komt er een geïnteresseerd, nieuwsgierig gezicht onder vandaan. Of een ondeugend lachje 😉

Maar nu is het een warme zomerdag.

Marijke doet diverse pogingen om hem te doen inzien dat dit véél te warme kleding is voor zomers weer. Maar Sebas heeft er geen last van zegt hij. En hij heeft er wél last van als hij kleding heeft zonder capuchon.

Als het echt té warm is, geeft Marijke de opdracht om alleen het t-shirt aan te houden en die ene dunne zachte broek die ze ooit konden vinden aan te trekken. Sebas doet dat alleen bij hoge uitzondering en met een goed onderbouwde uitleg over oververhitting van zijn lijf én nadat alle andere dingen zijn gedaan om het niet té heet te krijgen.

Maar makkelijk is dit niet. Zeker niet omdat hij het zelf niet echt opmerkt.

Marijke ziet echter een jongeman die humeurig wordt, een rood bezweet hoofd heeft, zich terugtrekt of zwaar geïrriteerd is in contact. Kortom: die jongeman die allerlei signalen van overprikkeling laat zien. Pas doordat ze concreet opnoemt wat ze precies ziet, realiseert hij zich wat er met zijn lijf gebeurt.

Overgevoeligheid op het ene vlak en tegelijkertijd ondergevoeligheid op een ander vlak geven dagelijks bijzondere uitdagingen… Met heet weer wordt dat weer eens super zichtbaar!

En de juiste hoodies en dunne lange broeken vinden, is een praktische uitdaging…

Toelichting bij dit verhaal

Wat dit extra complex maakt: over- en ondergevoeligheid kunnen náást elkaar bestaan bij dezelfde persoon.

Bijvoorbeeld:

  • Overgevoelig voor geluid, maar ondergevoelig voor pijn.
  • Overgevoelig voor aanraking, maar ondergevoelig voor warmte.

Voor buitenstaanders is dit moeilijk te begrijpen.

En ook hulpverleners zijn soms geneigd te denken: “Maar hij heeft toch geen moeite met X, dus hij overdrijft bij Y.”

Dat is dan een aanname die je actief mag bevragen…

De verklaring ligt in de manier waarop het brein bij autisme voortdurend alert staat op prikkels van buiten. Kort gezegd: constant proberen in te schatten wat er gaat gebeuren, of het veilig is.

Hierdoor blijft er nauwelijks ruimte over voor de verbinding met de binnenwereld. Dit is geen onwil of onoplettendheid, maar een neurologisch gegeven.

De functie van de hoodie: meer dan een kledingstuk

De capuchon in dit verhaal is een goed voorbeeld van een zelfregulatiestrategie die mensen soms intuïtief ontwikkelen, zonder dat ze er zelf een naam voor hebben.

Als coach is het waardevol om dit te (h)erkennen en te benoemen, zodat je coachee ervoor kan leren kiezen om dit heel bewust in te zetten en er een positieve betekenis voor zichzelf aan te geven (dit omdat ze vaak te maken hebben gehad met negatieve oordelen hierover).

De capuchon vervult in dit geval meerdere functies tegelijk:

  • Sensorische afscherming: de capuchon beperkt de visuele en auditieve prikkels die binnenkomen en geeft een ‘veilige omhulling’.
  • Non-verbale communicatie: omhoog betekent ‘ik ben niet beschikbaar’, omlaag betekent ‘ik ben open voor contact’. Een subtiele manier om grenzen aan te geven.
  • Regulatie van tast: zachte, lange kleding zonder naden of labels voorkomt constante prikkeling van de huid, waardoor er meer cognitieve ruimte overblijft voor andere zaken.

Voor coaches is het uiteraard belangrijk om niet reflexmatig te sturen op wat ‘sociaal wenselijk’ is (capuchon af, normale kleding aan), maar samen met de coachee eerst de functie ervan te ontdekken.

Hypersensitiviteit voor tast

Sebastiaan is overgevoelig voor tast. Zachte kleding, geen naden, niets dat knelt, dit is geen voorkeur of luxe, maar een noodzaak om te kunnen functioneren.

Kleding die constant prikkelt, is voor iemand met tactiele overgevoeligheid als een constante afleiding die energie kost, concentratie ondermijnt en zelfs voor stagnatie in gewone handelingen kan zorgen.

Als coach kun je helpen door dit bespreekbaar te maken en te normaliseren.

Vraag je coachee actief naar sensorische voorkeuren en triggers. Dit soort informatie wordt vaak niet spontaan gedeeld, omdat mensen het zelf niet altijd als relevant beschouwen of zich ervoor schamen.

Hyposensitiviteit voor temperatuur: het onzichtbare risico

Het thema in dit verhaal is de ondergevoeligheid voor temperatuur. Sebastiaan merkt niet bewust dat het te warm is, zelfs bij 30 graden.

Dit is geen bewust negeren van lichamelijke signalen. De signalen komen simpelweg onvoldoende of niet tijdig aan in zijn bewustzijn.

Toch reageert zijn lichaam wel op de hitte: hij transpireert, raakt overprikkeld, wordt humeurig en geïrriteerd. De buitenwereld ziet de gevolgen, terwijl de persoon zelf de oorzaak niet herkent.

Dit is een cruciaal inzicht voor de praktijk: gedragsverandering zonder lichaamsbewustzijn is buitengewoon moeilijk.

Je coachee kan pas iets doen met een signaal als hij of zij dat signaal ook opmerkt.

Wat Marijke in dit verhaal doet, is een krachtige interventie: ze benoemt concreet en feitelijk wat ze ziet (“Ik zie een rood, bezweet hoofd, ik zie dat je je terugtrekt”) zonder te oordelen.

Hierdoor kan Sebastiaan die externe informatie gebruiken als spiegel voor zijn eigen lichamelijke toestand.

Praktische implicaties voor coaching

In dit verhaal lees je over diverse belangrijke thema’s die in Autismecoaching regelmatig terugkeren.

1. Psycho-educatie over prikkelverwerking

Veel mensen met autisme (en zeker ook volwassenen) hebben nooit goed uitgelegd gekregen hoe hun prikkelverwerking werkt.

Het benoemen en normaliseren van over- én ondergevoeligheid is een belangrijke eerste stap. Het geeft taal aan iets wat ze al hun hele leven ervaren, maar waarvoor ze geen kader hadden.

(Voor wie er meer over wil weten: dit komt naar voren in stap 5 uit Coachen naar Rust bij Autisme.)

2. Lichaamsbewustzijn ontwikkelen

Ondergevoeligheid voor lichamelijke signalen betekent dat iemand bewust moet ‘leren zien’ wat het lichaam doet. Dit kan door:

  • Ontdekken wat hun eigen Let-op!-signalen en grenssignalen zijn (stap 1 uit Coachen naar Rust bij Autisme).
  • Externe signalen (zoals feedback van een partner of begeleider) bewust in te zetten als informatiebron.
  • Samen een persoonlijk overzicht te maken van lichamelijke stresssignalen. Dit mag puur gericht zijn op de signalen die iemand zelf kan herkennen (en ook dit wordt helder bij stap 1 van Coachen naar Rust bij Autisme).

3. Zelfacceptatie en het loslaten van schaamte

    Een hoodie dragen op een warme dag roept reacties op uit de omgeving.

    Veel mensen met autisme internaliseren die buitenwereld en gaan twijfelen aan zichzelf: “Doe ik raar?”, “Moet ik dit aanpassen?”

    Als coach kun je helpen om de functionaliteit van zulke strategieën te bevestigen en te onderbouwen.

    Dit voedt zelfacceptatie in de praktijk: niet “jij moet veranderen”, maar “jij mag begrijpen waarom je doet wat je doet, en daar bewuste keuzes in maken, los van wat de rest van de wereld daarvan vindt”.

    4. Risico’s van ondergevoeligheid bespreekbaar maken

    Ondergevoeligheid kan serieuze risico’s met zich meebrengen. Denk aan:

    • Grenzen overschrijden zonder het te merken, met uitputting of burn-out als gevolg.
    • Lichamelijke klachten (ontstekingen, blessures) die te laat worden opgemerkt.
    • Sociale misverstanden doordat geïrriteerd gedrag, veroorzaakt door fysieke overprikkeling, niet begrepen wordt als een lichamelijk signaal.

    Het bespreekbaar maken van deze risico’s geeft vaak ook praktische inzichten over het tijdig leren opmerken van grenzen.

    5. Praktische omgevingsaanpassingen

    Naast bewustwording zijn concrete, praktische aanpassingen minstens zo waardevol. Een paar voorbeelden:

    • Kleding bewust kiezen op comfort (materiaal, pasvorm, geen labels).
    • Bij warm weer van tevoren een plan maken: wanneer ga ik naar binnen, wanneer neem ik een koel moment?
    • Afspraken maken met naasten over hoe zij kunnen helpen signaleren, zonder het als kritiek te framen.

    Tot slot: kennis als fundament voor alledaags welzijn

    Het verhaal van Sebastiaan en zijn hoodie is misschien klein en alledaags, maar het raakt aan iets fundamenteels: als mensen met autisme begrijpen hoe hun prikkelverwerking werkt, kunnen ze zichzelf beter begrijpen. En dat inzicht kunnen ze direct gebruiken om zich beter te voelen, om letterlijk beter in hun vel te zitten.

    Als coach ben jij misschien degene die dit inzicht voor het eerst helder verwoordt.

    Die uitlegt dat het niet raar is, niet lui, niet aanstellen, maar neurologisch verklaarbaar en heel concreet te hanteren.

    Die kennis kan een wereld van verschil maken in alledaags welzijn en levensgeluk.

    Wil jij van betekenis zijn voor mensen met autisme?

    Als je dit leest en denkt: dit is precies waarom ik coach wil zijn – om bij te dragen aan dat levensgeluk – dan past de jaaropleiding Autismecoach misschien bij jou.

    Daar leer je niet alleen de theorie over autisme, maar ook hoe je die kennis overbrengt op een manier die echt landt.

    Zodat jouw coachees niet alleen inzicht krijgen, maar er daadwerkelijk iets mee kunnen doen in hun dagelijks leven. Concreet, persoonlijk en met diepgang.

    Interessante links:

    Praktische Tip nav een reactie op de nieuwsbrief:

    Er zijn speciale sun hoodies oa van patagonia (oa bij Bever Sport en Bergfreunde).

    Dat geldt ook voor de lange dunne broeken – vaak zijn deze bij goede sportzaken wel te vinden, goed ademend en ook geschikt voor de hitte.

    (en voor wie het te kostbaar vindt: eind van de zomer is er uitverkoop – een prima moment om voor het volgend jaar vast wat te scoren. Het is kleding die vaak lang mee gaat)